Bewegingstherapie

Spierversterking bevordert de botopbouw

PDF | Seite drucken | Seite weiterempfehlen

Beweging is een belangrijk onderdeel van de behandeling van osteoporose.

Al bij een bestaande wervelfractuur helpt gerichte kinesitherapie en een lichamelijke behandeling, die wordt ontwikkeld door de arts en kinesitherapeut gezamenlijk, om de spieren te versterken en de beweeglijkheid te bevorderen. De pijn wordt verlicht door pijnstillers en een rugorthese.

Ook als de breuk is genezen moet de bewegingstherapie in elk geval worden voortgezet. Belangrijk hierbij is om te werken aan het uithoudingsvermogen en de rugmusculatuur. Een speciale rugorthese met biofeedback zorgt voor steun van de wervelkolom en bevordert de spierversterking. Naast oefeningen van en met een kinesitherapeut zijn er ook sporten die met name geschikt zijn voor mensen met osteoporose. Wandelen of nordic walking, langlaufen, zwemmen en dansen.

De training is extra nuttig als ze in de buitenlucht kan plaatsvinden. Sporten in de openlucht bevordert niet alleen de spierversterking, maar ook de aanmaak van vitamine D in de huid.

Oefeningen om thuis te doen (algemene aanwijzingen)

Overleg met de arts en/of kinesitherapeut voor u met de oefeningen begint. Als u pijn krijgt bij een oefening, hou er dan direct mee op en neem contact op met de arts.

  • Maak geen schokkende bewegingen.
  • Voer elke oefening rustig en vloeiend uit.
  • Adem rustig en diep tijdens de oefeningen.
  • Herhaal alle oefeningen drie tot vijf keer, afhankelijk van uw lichamelijke conditie.
  • Doe de oefeningen regelmatig, drie tot vier keer per week.

Oefeningen in stand

Hou de handen ter hoogte van de borstkas en druk de handpalmen zo hard mogelijk tegen elkaar.

  • Strek de armen omhoog en druk de handpalmen boven het hoofd zo hard mogelijk tegen elkaar.
  • De handen bevinden zich ongeveer ter hoogte van de borstkas.
  • Druk nu de vingertoppen van beide handen stevig tegen elkaar.
  • Leg een handdoek om het achterhoofd en pak beide uiteinden vast.
  • Trek de handdoek stevig naar voren en duw uw hoofd tegelijkertijd naar achteren.
  • Houd de handdoek ter hoogte van uw hoofd en pak beide uiteinden vast.
  • Trek de uiteinden zo hard mogelijk uit elkaar.
  • Trek één been op en leg de handdoek om de knie.
  • Trek beide uiteinden van de handdoek stevig naar boven en duw de knie naar beneden.
  • Herhaal vier tot vijf keer en wissel dan van been.

Schouders ronddraaien: Maak cirkels met de schouders, vier tot vijf keer naar voren en vervolgens naar achteren.

 

  • Strek de armen en het bovenlichaam uit en adem diep in.
  • Buig dan het bovenlichaam langzaam voorover, laat de armen bungelen en adem langzaam uit.
  • Houd de armen kruiselings ter hoogte van de borstkas.
  • Breng de armen opzij en naar achteren en veer na.
  • Zet de handen op de heupen. Buig opzij en veer na.
  • Buig afwisselend naar beide zijden.
  • Leg de linkerarm op de rechterschouder en de rechterarm op de linkerschouder.
  • Druk de ellebogen nu stevig tegen elkaar en houd dat een paar seconden vol.
  • Wissel de armen om.

Sta zijwaarts in de deuropening

  • Leg de handen links en rechts op de deurpost. Druk de handen nu naar elkaar toe en houd dat een paar seconden vol.