Artrose is een aandoening van het gewricht, die ontstaat door slijtage van het gewrichtskraakbeen. De aandoening begint met aantasting van het kraakbeen, die in eerste instantie meestal beperkt blijft tot een klein gebied.
Daarna ontstaat er verdichting van het bot en verstoring van het gewrichtsoppervlak. Vervolgens treedt er pijn en stijfheid van het gewricht op en toenemende vervorming. In een laat stadium is het aangetaste kraakbeen volledig afgesleten en verdwenen. Hierdoor wrijft het vrij liggende bot direct tegen het bot van het andere gewrichtsdeel. In het eindstadium kan het gewricht volledig vast komen te zitten. Het proces kan door verschillende maatregelen worden afgeremd, maar een definitieve oplossing wordt alleen bereikt door het gewricht operatief te vervangen.
Met het ouder worden stijgt het risico op artrose. Slechts 4% van de 20-jarigen lijdt aan artrose; bij mensen van 70 jaar is dat 70%. Er zijn meer vrouwen dan mannen met artrose.
Bepaalde gewrichten worden het meest getroffen:
- de distale vingergewrichten (heberdennoduli)
- de proximale vingergewrichten (bouchardnoduli)
- het basisgewricht van de duim (rhizartrose)
- het kniegewricht (gonartrose): de meest voorkomende vorm van artrose treedt op bij het ouder worden en komt vroeg of laat bij vrijwel iedereen voor.
- heupgewricht (coxartrose)
- artrose van de kleine gewrichten van de wervelkolom: vaak met andere degeneratieve aandoeningen van de wervelkolom, zoals tussenwervelschijfaandoeningen, vastzittende wervels, verschoven wervels en beklemming van zenuwen in de wervelkolom.

Gewrichten
Gewrichtsslijtage