Liposuctie is momenteel de meest toegepaste methode om vet te verwijderen. Deze operatiemethode is geïndiceerd als functioneel of esthetisch storende vetdepots verkleind moeten worden.
Liposuctie is vooral geschikt voor lokaal vet aan de buitenkant van het bovenbeen (de zgn. "rijbroek"), het zitvlak, de buik en de lendenen. De methode wordt ook toegepast voor vet op het gezicht. Een stevige, elastische huid in het behandelde gebied levert een beter eindresultaat op. De arts en de patiënt beslissen samen over de operatie, na een uitgebreid voorlichtingsgesprek over de medische en psychologische risico's.
Voor de liposuctie wordt een metalen canule van ongeveer 2 tot 4,5 mm doorsnede via een minuscuul sneetje in het vetweefsel gevoerd. Deze metalen canule is via een slang verbonden met een vacuümpomp. Door de aanwezige onderdruk wordt het vetweefsel afgezogen. Tijdens de ingreep beweegt de chirurg de canule heen en weer, om het vetdepot zo gelijkmatig mogelijk te verkleinen.
De ingreep gebeurt doorgaans ambulant en duurt twee tot vijf uur, afhankelijk van de omvang van het te behandelen gebied. Doorgaans wordt bij een ingreep niet meer dan twee liter weggezogen, maar in uitzonderlijke situaties kan dat tot vijf liter zijn. Een grotere hoeveelheid vet, tot 20 liter, kan alleen in heel bijzondere gevallen en door zeer ervaren chirurgen worden verwijderd. In dergelijke gevallen is een ziekenhuisopname noodzakelijk.
Er zijn tegenwoordig verschillende technieken voor de liposuctie. Vroeger werd het vet "droog" afgezogen en had de canule een doorsnede tot 10 mm. Tegenwoordig wordt gebruikgemaakt van de "natte" tumescentiemethode. Andere technieken, zoals ultrasone golven of met laser, worden soms gecombineerd met de "natte" liposuctie. Het is zelfs mogelijk de vetcellen die worden weggezogen met liposuctie op een andere plaats in te brengen. Dat noemen we liposculptuur.
De nabehandeling met compressie is bij al deze ingrepen gelijk en dient om het operatieresultaat te behouden.
Voordelen van liposuctie
De huid die het vetweefsel bedekt, blijft intact, op enkele kleine sneetjes na. Omdat de canule een cilindrische, niet scherpe punt heeft, blijven de bloedvaten in het vetweefsel voor het grootste deel intact. Er is nauwelijks gevaar voor ernstige bloedingen. Een ander voordeel is dat er bij deze operatietechniek slechts kleine sneden nodig zijn, zodat de kans op wondgenezingsstoornissen klein blijft. De ingreep geschiedt onder plaatselijke verdoving en levert dus een minimaal narcoserisico op. Een ambulante behandeling gaat meestal gepaard met een goede medewerking en mobiliteit van de patiënten. Het risico op postoperatieve trombose is ook klein. Toch blijft liposuctie een chirurgische ingreep en dienen de risico's bij elke patiënt afzonderlijk te worden afgewogen.

Esthetische chirurgie
Liposuctie